Joran is nog altijd niet thuis
- Link ophalen
- X
- Andere apps
Een berichtje dat Josse, onze derde zoon, ons stuurde. Het was paasvakantie, april 2025. Toen mijn man en ik in Frankrijk waren.
Joran, onze oudste zoon, was na zijn werk gaan lopen.
Op zich niets speciaals. Dat doet hij wel vaker. Bijna dagelijks zelf.
Alleen was hij ondertussen al twee uur en drie kwartier weg.
En Josse begon zich toch wat zorgen te maken.
Joran is nog altijd niet thuis.
Een kwartier later was hij dat gelukkig wel.
De reden dat hij pas zo laat thuis kwam: hij had een marathon gelopen.
Zijn eerste.
Niet omdat hij daarvoor getraind had.
Niet omdat dat die dag op zijn schema stond.
Hij hééft niet eens een schema.
Hij was gewoon beginnen lopen.
En het ging goed.
Dus was hij verder gelopen.
En nog wat verder.
Tot hij aan een marathon zat.
Geen eten mee. Geen drinken. Geen geld. Geen gsm.
'Op zijn Joran's': 't Ging gelijk goed en ik ben 'gewoon' verder gelopen'
Sindsdien loopt hij wel vaker een marathon na zijn werk. Tijdens het weekend kunnen dat er zelfs bij na twee op een dag zijn ... 30 kilometer 's ochtends en nog eens 30 's avonds ...
Of tussendoor ook nog eens behoorlijk wat kilometers op de fiets.
Zonder trainingsschema. Zonder voedingsschema. Zonder veel gedoe eigenlijk.
We kijken er eigenlijk niet meer van op....
En we kijken er ook niet naar op.
Integendeel.
Ik werd daar wel wat ongerust over.
Is dat wel gezond?
Kan een lichaam dat aan?
Is hij zichzelf niet gigantisch aan het overbelasten?
Ik keek daar helemaal niet meer positief naar. Maar ik wilde geen 'zaag' zijn, dus op de duur uitte ik die bezorgdheid ook niet meer naar hem. Maar hij zal wel gevoeld hebben dat ik mijn gedacht had over al die - in mijn ogen - onverantwoorde kilometers ...
En ik was niet de enige.
Ook rondom mij hoorde ik regelmatig:
“Dat is toch niet normaal?”
“Dat kan toch niet gezond zijn?”
Ik was er intussen ook van overtuigd dat zijn lichaam hem wel eens zou stil leggen.
Een blessure. Overbelasting. Iets.
En dan zou hij het wel merken.
Dacht ik.
160 kilometer later...
Vorige zaterdag stond Joran aan de start van iets wat toch van nog een ander kaliber was.... Een Ultra-run in Sint Denijs.
Het concept:
24 uur lang, ieder uur opnieuw, 6,7 kilometer lopen.
En wat had je gedacht...
Joran liep ze alle 24. 160 kilometer.
En hij won.
Niet omdat hij vertrokken was om te winnen.
Hij liep gewoon.
Ronde na ronde.
Heel constistent. Meestal zo'n 33 à 34 minuten per ronde.
'Wat doet die nu? ' dachten andere ervaren lopers, telkens Joran als eerst ''uit de startblokken' schoot. Ze kenden die jongen ook niet. Joran De Rudder. Nog nooit van gehoord! Het was dan ook - op een kermiswedstrijd na - zijn eerste echte wedstrijd waar hij zich voor had ingeschreven. Ze waren er dan ook van overtuigd dat hij zich snel zou 'verbranden'.
Maar hij bleef lopen. Continu dezelfde snelheid.
En zijn laatste rondes?
Hij versnelde nog wat. Om zijn laatste ronde in een half uur te eindigen.
Met als belangrijkste voorbereiding: het geloof in zichzelf, in zijn lichaam, in het onderweg zijn.
Er verschoof iets in mij.
Mijn man was erbij en bleef ook de hele nacht. Ik volgde vanuit Frankrijk.
En ergens gedurende die 24 uur begon er bij mij iets te verschuiven.
Want terwijl zelfs mensen uit de loopwereld verbaasd waren over wat die voor hen volstrekt onbekende loper daar aan het doen was, begon ik anders naar Joran, zijn prestaties en hoe hij zich hier (niet ;-)) op voorbereidde.
Steeds meer besefte ik, of stelde ik me de vraag:
'Wie ben ik eigenlijk om te bepalen waar zijn grens ligt?'
Wie ben ik om voor Joran te bepalen wat zijn zijn lichaam aan kan?
Wie ben ik om te besluiten dat wat hij doet te veel is, omdat het buiten het klassieke referentiekader valt?
Misschien had ik zo hard gekeken naar wat er volgens mij allemaal mis kón gaan, dat ik onvoldoende keek naar wat er werkelijk gebeurde.
Joran luistert namelijk wél naar zijn lichaam.
Misschien zelfs veel beter dan ik dacht.
Hij vertrekt niet met: vandaag moet ik zoveel kilometer lopen.
Hij loopt.
Hij voelt.
En als het goed gaat, loopt hij verder.
Zijn lichaam heeft hem tot nu toe blijkbaar nog steeds geen signaal gegeven dat dat overdreven is...
Op de foto hieronder is het 3u40 's nachts en heeft hij al 134 km in de benen... 't Is er mijn inziens niet echt aan te zien ;-)
Betekent dat dat 160 kilometer lopen gezond is voor iedereen?
Natuurlijk niet.
Betekent het dat Joran nooit over een grens zal gaan?
Dat weet ik evenmin.
Maar misschien hoef ík die grens ook niet vooraf voor hem te bepalen.
Hij heeft het van niet ver...
Terwijl ik daar zo over nadacht, zag en bedacht ik ook dat hij het van geen vreemde heeft ;-)
Toen ik zeventien was, vroeg een vriend me of ik mee wilde lopen met de 20 km door Brussel.
Ja hoor.
De dag ervoor bedacht ik dat ik daar misschien toch eens voor moest trainen.
Dus kocht ik nieuwe loopschoenen — ik denk ongeveer twee maten te groot — en liep ik de dag vóór de wedstrijd 24 kilometer.
Je leest dat goed.
24 kilometer.
Als voorbereiding.
De dag ervoor.
Ik hoef je waarschijnlijk niet te vertellen dat dit geen trainingsadvies is dat ik vandaag nog zou doorgeven. ;-)
Ik heb tijdens die 20 kilometer enorm afgezien.
Blaren overal.
Maar ik heb hem wel uitgelopen. Op wilskracht en karakter. Zie mij aankomen op de foto hieronder. Ik ben duidelijk meer over mijn grens gegaan toen dan Joran deed ;-) Pieter, die naast me loopt, komt aan zoals Joran aankomt, zelfs na 160 km ;-)
Later stapte ik ooit 100 kilometer omdat ik last minute iemand verving. Ook zonder voorbereiding.
Op het einde viel ik tijdens het wandelen bijna in slaap.
En toch deed ik het.
Niet omdat een schema zei dat ik het kon.
Er was blijkbaar gewoon iets in mij dat dacht:
Ik zie onderweg wel.
Afgestemd onderweg
In Joran zijn manier van lopen en hoe hij zich (niet) voorbereid op een wedstrijd waarin hij 160 km zal lopen zijn manier van lopen, herken ik veel van hoe ik zelf leef en werk.
Ook binnen Compagnon de Route werk ik nauwelijks met vastgelegde stappenplannen die bepalen waar je op welk moment hoort te zijn.
Ik geloof veel meer in afstemming onderweg.
Waar ben je nu?
Wat dient zich aan?
Wat voel je?
Wat toont het leven?
Wat klopt op dit moment?
En wat blijkt?
Joran doet tijdens het lopen eigenlijk iets gelijkaardigs.
Hij weet bij vertrek niet noodzakelijk waar hij zal eindigen.
Hij loopt.
En beslist onderweg.
Stap voor stap vindt hij zijn voeten.
Letterlijk in dit geval. :-)
Wij waren ondertussen zo gewend geraakt aan die enorme afstanden dat we er nauwelijks nog van opkeken.
Integendeel.
We keken bezorgd.
We keken kritisch.
We keken naar wat er mis zou kunnen gaan.
En daardoor keken we misschien te weinig naar wat er óók was:
Een ongelooflijke fysieke prestatie.
Doorzettingsvermogen.
Rust.
Consistentie.
Plezier.
Vertrouwen in zijn eigen lichaam.
Ik voelde hoeveel deugd het hem deed dat wij dat nu ook zagen.
En hoeveel deugd het míj deed om hier terug anders naar te kunnen kijken.
Misschien is dat uiteindelijk wat die 160 kilometer mij vooral heeft laten zien.
Hoe snel we vanuit liefde, bezorgdheid of onze eigen ervaring denken te weten wat voor iemand anders goed is.
Wat normaal is.
Wat gezond is.
Waar een grens hoort te liggen.
Welke weg verstandig is.
Ik deed het hier ook. Terwijl ik behoorlijk goed los kan laten en iedereen zijn of haar eigen weg kan laten gaan ...
Van wie is die grens eigenlijk?
Van hem?
Of van mij?
Ik hoef Jorans weg niet voor hem uit te stippelen.
Gelukkig maar.
En 160 kilometer zou nogal een eind zijn. ;-)
Ik mag erop vertrouwen dat hij onderweg leert voelen, kiezen, bijsturen en misschien ook ooit eens botsen.
Zoals we dat allemaal doen.
En misschien is dat wel een van de moeilijkste vormen van graag zien:
niet voortdurend de weg voor iemand willen bepalen, maar vertrouwen dat die ander zijn eigen kompas kan leren lezen.
Zelfs wanneer zijn route er behoorlijk anders uitziet dan jij zelf had uitgetekend.
En soms...
loopt die ander je daarin gewoon 160 kilometer vooruit. ;-)
Barbele- Link ophalen
- X
- Andere apps


Reacties
Een reactie posten